TERUG NAAR DE AMSTERDAMSE HELMERSBUURT

in de jaren 1932 - 1954

Gezicht rond 1875 op het gebied achter de Singelgracht waar de Helmersbuurt zou verrijzen.
Gezicht over de Singelgracht

Onderwerpen:


De eerste koekjesbrug in 1897. Deze werd in 1911 voor de tegenwoordige vervangen.
Tweede Helmersstraat in aanbouw

DE HELMERSBUURT

De Helmersbuurt maakte deel uit van een van de noodzakelijke stadsuitbreidingen aan het eind van de 19de eeuw. Het kwam in plaats van wat als een achterbuurt werd beschouwd: het Sophiapark, in de oorspronkelijke Stads- of Godshuispolder. Ontwerper was stadsingenieur J.G.van Niftrik. Er ontspon zich een touwtrekken van particuliere eigenaren van de gronden en de Gemeente. Tenslotte werd de N.V. 'Overtoom', exploitatie maatschappij van bouwterreinen opgericht en architect Redeker Bisdom, die ook met Cuypers de Vondelstraat had aangelegd, met de uitwerking belast in 1883 . Met de aanleg van het Jacob van Lennepkanaal wordt in 1884 begonnen. De lange Bleekersloot wordt tussen 1892 en 1902 gedempt. Daar komt de De Clerqstraat, te liggen. Achter het bruggetje rechts op bovenstaande tekening zal de Bosboom Toussaintstraat verrijzen.
Helmersstraten in aanbouw rond 1900. Rechts Tweede Helmersstraat.
Tweede Helmersstraat in aanbouw
De Helmersstraten worden rond 1891 - 1905 gebouwd. Ze worden naar schrijvers en dichters genoemd. De nieuwe wijk wordt bekend als de Dichtersbuurt, of het Letterkundig kwartier.

In 1889 was reeds bepaald dat de straten nog maar 15 meter breed hoefden te zijn en de blokken 45 meter diep. Er werd snelle revolutie bouw gepleegd. De huizen waren niet van al te hoge kwaliteit. Soms werd er gesjoemeld met het aantal heipalen. Het metselwerk was vaak slecht: in 1904 storten al een paar huizen tijdens de bouw in. Dat was aanleiding voor de aanname van de Woningbouwwet van 1905 waarin strenge eisen aan de bouw werden gesteld.

De Overtoom rond 1900. Rechts Spieghelschool
De Overtoom rond 1900

Alhoewel in de eerste plaats aangelegd als een volksbuurt waren de huurprijzen te hoog voor de armen. Er werd veel onderverhuurd aan studenten en leraren.
Er woonden veel kunstenaars in Oud-West:
C.J. Kelk, Piet Mondriaan, Johan Braakensiek, Piet van Wijngaarden en Cornelis Springer. De impressionistische schilder Breitner, werd bekend om zijn foto's van de aanleg van het Jacob van Lennepkanaal.

Tweede Helmersstraat, zonder verkeer, rond 1933

Onder de schrijvers kunnen genoemd worden: Lodewijk van Deyssel, Willem Kloos, Belcampo, Werumeus Buning op Overtoom # 21 tegenover de Spieghelschool, Gerard den Brabander (Bosboom Toussaintstraat) en niet te vergeten W.F.Hermans in de Eerste Helmersstraat # 208. In Theo Thijssen's 'Kees de Jongen' komt een passage over de Overtoom voor, waar hij soms logeerde. Thijssen woonde daar in 1908 niet ver vandaan, namelijk in de de Clerqstraat 66 één hoog. Jan Mens situeerde zijn roman 'Koen' in de Kinkerbuurt.
Overigens blijft het opmerkelijk hoe weinig oude foto's en informatie over de buurt voorhanden zijn.


Persoonlijke herinneringen aan de jaren dertig

Poppenkast in een autoloze Tweede Helmersstraat voor veilinggebouw 'de Eland' .
Poppenkast Helmersstraat

Klik voor video clip Helmerbuurt 1938 Tafreeltje bij de visboer voor 2de Helmersstraat 24, tegenover veilinggebouw 'De Eland' 1938.

"Mijn vader had het grootste deel van zijn leven in Ned. Indië doorgebracht. Met de 1929 beurskrach had hij al zijn geld verloren en woonde in het bovenhuis van de Tweede Helmersstraat # 84. Hij kon alleen rondkomen door onder te verhuren. Maar dat liep niet al te best. De eerste twee huurders vertrokken heimelijk met de Noorderzon zonder huur te betalen. Voor een andere huurder die niet wilde betalen bedacht hij een andere oplossing . Hij haalde een klewang van de wand en zette die de verbouwereerde wanbetaler op de keel. Die schreeuwde angstig om hulp. De politie kwam erbij. Tot zijn grote verontwaardiging kreeg mijn vader een waarschuwing dat die methode niet in Nederland in zwang was."(IJsbrand Rogge)


Het badhuis Sparta aan de da Costakade # 150.
Badhuis Sparta

"In die oude huizen was geen bad, of douche . Velen wasten zich over het aanrecht in de keuken en gingen eens in de week naar het Gemeentelijk badhuis Sparta op de Da Costakade # 150. Je kon kiezen tussen stort- en kuipbaden. In onze tijd konden we woensdags een kaartje kopen bij hoofdonderwijzer Ohms ( voor 5 cent) dat je het recht gaf om een douche te nemen in het badhuis. We namen in de oorlog om ons haar te wassen een zakje shampoo poeder mee. We genoten van een overvloed aan heerlijk warm water. Er hing altijd zo'n waterdamp met zeepgeur.


Badkamer met gevreesde klok
Badkamer
Badgasten gelaten wachtend op hun beurt, mannen en vrouwen gescheiden.
Badgasten

Op de deur was een klok, die op een half uur werd ingesteld. Als je daarna nog niet tevoorschijn was gekomen brak de hel los.Voor de dikke badjuffrouw hadden we een lelijk woord, omdat ze altijd op de deur stond te bonzen als we nog niet aangekleed waren. Het genoemde badhuis Sparta, dat in 1922 geopend was, werd na 1986 gesloten toen er tegenover op # 200 een nieuw badhuis verrees.

Het AMVJ zwembad in de Vondelstraat
AMVJ zwembad

Een sportievere recreatie was het zwembad AMVJ in de Vondelstraat. Badmeester Servaes zwaaide daar de scepter en drilde de pupillen aan zijn martelwerktuigen totdat ze de zwemslag te pakken kregen. De badmeesters waren zeer kien om te controleren of de kinderen wel hun badpak onder de douche uittrokken. Aan het einde van de zwemdril volgde een groots evenement van de uitreiking van de diploma's, waarbij ook de ouders aanwezig waren om hun kroost aan te moedigen.



De straten

Gehuurde autopeds voor kruidenier van Beek, Genestetstraat/hoek 2de Helmersstraat
Kruidenier Genestetstraat

Op vrije dagen huurden wij een autoped of fietsje bij een rijwielhandel in de Tweede Helmersstraat bij de Eerste Constantijn Huygenstraat. Je kreeg korting als je een abonnement nam. Dan gingen we naar het Vondelpark.

Op gegeven tijden rond 1937 placht mijn vader me mee te nemen naar kapper de Roos in de Bilderdijkstraat. Die gebruikte al een tondeuse om het kinderhoofd te kortwieken. Helaas was dat apparaat niet erg scherp en voelde het alsof hij de haren uit je hoofd trok.
Vlak voor de oorlog opende een kapperzaak op de Overtoom waar electrische tondeuses werden gebruikt. Voor een dubbeltje wisten ze zo vliegensvlug hoofden te millimeren.
In de Bilderdijkstraat was een drogist met wanden vol houten laden. Daar kwamen schier oneindig veel spullen uit te voorschijn. Er naast was een boekenuitleenwinkel. Die waren heel populair in de oorlog. Mijn vader stuurde me er altijd op goed geluk met een dubbeltje heen met de opdracht: "Vraag maar naar een realistisch boek". Ik ben er nooit achtergekomen wat hij daarmee bedoelde.


Veiling 'De Eland'

In de Tweede Helmersstraat # 25? was veiling 'de Eland'. Mijn vader was er niet weg te slaan. Het was malaisetijd. Als niemand bood dan was mijn vader wel te porren. Hij kwam met een wiel kaas thuis die zo hard was dat ie in stukken gezaagd moesten worden. Maar het leukst was wel als hij een filmbioscoopje met filmpjes op de kop tikte. Dan was het filmavond voor de hele familie.


De Genestetstraat rond 1912
De Genestetstraat 1912

Op de hoek van de Derde Helmersstraat en de Genestetstraat was boekhandel Kroese. Een lijvige vrouw zwaaide er de scepter. De punten van de potloden die ik er kocht braken altijd af bij het slijpen. Zal wel aan mij gelegen hebben.
Er sloeg je altijd een zuurachtige paplucht tegemoet als je er binnenging. Er stond dan ook altijd een pan pap op de grote potkachel. Ik vermaakte me door me voor de geest te halen dat zij een bord pap haastig op een stoel zou zetten en daar later per ongeluk in zou gaan zitten met haar dikke achterwerk. Zij zou dan met een gil opspringen, zich om draaien, waarna het bord met inhoud door de winkel zou vliegen.
Dora schrijft echter dat ze met haar dochter Fietje speelde en haar en moeder erg aardig vond.

Tot de familie behoorde ook Nicolaas Kroese, de gezette eigenaar van karakteristieke restaurants als de Vijf Vlieghen. Het was ook een fantast die meer-dimensionale werkelijkheden uitdacht en zijn filosofieën per telegram sleet aan bekendheden, als Prins Bernard. Ik heb hem echter nooit in de boekwinkel gezien.

Daartegenover was een geheimzinnig lokaal waar je nooit iemand in of uit zag gaan. De ruiten waren geblindeerd. Een geheimzinnig genootschap?
Hoek Derde Helmersstraat en Alb. Thijmstraat was een elektrotechnisch bureau en de radiocentrale Overtoom & Omstreken van A.C.M.Schulz. Zij verzorgden in de jaren dertig radio distributie voor de buurt. Daarvoor hadden zij een leidingnet, voornamelijk over de huisdaken, aangelegd. De weergave via de kabel was veel beter dan uit de povere radiotoestellen uit die tijd. In de oorlog werd de centrale door de bezetter onteigend nadat de eigenaar geweigerd had een 'verwalter' te accepteren. De PTT nam daarop de distributieover. Boven de centrale op # 66 woonde politiek tekenaar Jan Rot.

Ernst van Eijkern: Ook ik ben geboren in de Derde Helmersstraat op nr. 32, in 1951. Daar had mijn vader, Jac(obus) Kloppenburg, reclame-atelier Jacko. Hij was letterschilder onder het motto 'Letters op alles'. Mijn ouders dreven ook een verfwinkel. We verhuisden daarna naar de andere kant van de straat. Mijn vader had daar een werkplaats bij de van Heuft drankhandel. Tegenover ons was een fietsenwinkel op de hoek. Als kind huurde ik daar wel eens een fietsje voor een uur. Daartegenover was weer een melkhandel.

Op de hoek van de Genestetstraat/Tweede Helmersstraat was een kruidenierszaak. Het echtpaar van Beek liet zich door Christelijke principes leiden en kinderloos zijnde mocht ik altijd achter bij hen in de woonkamer komen. Ik kreeg daar van alles toegestopt waaronder een Tiels Flipje bioscoop met filmpjes (Tegenwoordig wordt daar door verzamelaars vier honderd euro voor betaald!). In december namen ze me mee naar de kerstviering in de Lutherse kerk waar ik mijn ogen uitkeek.

Schuin tegenover de kruidenier in de Tweede Helmersstraat was de ingangspoort tot een parkeerterrein voor vrachtwagens. Het getraliede toegangshek was een soort gymnastiekwandrek voor de straatjeugd. De kleintjes bleven veiligheidshalve op de onderste sporten, maar de ouderen konden bewondering oogsten door heel hoog in het hek te klimmen.

Slijterij hoek 2de Helmersstraat en A. Thijmstraat

In de de Alberdingk Thijmstraat was een drankwinkel. De winkelier was bijziend. Hij had een bril op met glazen die leken op de bodems van zijn drankflessen. Toegegeven, hij gaf wel altijd een snoepje.
In dezelfde straat was een schilderskeldertje. De eigenaar was kennelijk zo door de dampen uit zijn verfpotten bevangen dat zijn hoofd met holle ogen griezelig op een doodskop leek .

Jacob van Lennepkade bij Albertingk Thijmstraat zonder auto's, mensen en woonboten, met een enkele fiets begin 1940.

Daartegenover zat de fietsenzaak van de vader van Ton van Baalen. Hij ging er prat op van Eddy Christiani, die in de de Clerqstraat een zaak had (?), gitaarspelen te hebben geleerd. Dat had overigens ook gekund bij muziekschool Zwaag op de van Lennepkade. Daar ging ik eens met mijn vader heen toen hij op de veiling een xylofoon voor mij voor een prikkie had gekocht. Wij werden de zaak uitgelachen met dat malle ding.

Over Eddy Christiani gesproken: zijn moeder stuurde hem toen hij in 1930 twaalf was geworden met een gulden naar een helderziende, mijnheer Spee, Alberdingk Thijmstraat no.11. Hij voorspelt hem: 'Je zult een meersnarig instrument gaan bespelen'. Acht jaar later koopt hij bij muziekschool Zwaag een electrische gitaar voor het fabuleuze bedrag van f 495, op afbetaling weliswaar.

De grootste fascinatie voor mij had wel fotohandel Lux op de Nassaukade. In de etalage lagen wel eens naast filmapparatuur rolletjes 35mm film. Ik had die dolgraag voor mijn filmprojectortje gekocht. Maar ja, daar was geen geld voor.
In de Kinkerstraat was een muziekwinkel waar ze ook wel eens dergelijke aanbiedingen hadden. Maar wat dat betreft had de kar met 35mm films die wel eens op het Amstelveld stond de meeste aantrekkingskracht. De man er achter gooide film in de lucht om de beelden op de ontrolde stroken aan het publiek te tonen. De videotheek uit de oude tijd. Er waren een aantal hobbyisten die op afgedankte bioscoopprojectoren die films thuis vertoonden, of voorstellingen verzorgden, in de oorlog voor onderduikers.

Tegenover Spieghelschool wachten rokers in 1941 nadat een nieuwe bon voor sigaretten is bekend gemaakt.

Op de Overtoom, hoek 1ste Constantijn Huygenstraat, had je boekhandel Roskam, annex postkantoor. Ik herinner me dat mijn vader de verzendkosten trachtte te drukken door 'Monster zonder waarde' op paketten te zetten waarvoor een lager tarief gold. Als ik die als jongetje weg moest brengen dan kneep ik hem want de man aan het loket keek me dan wantrouwend aan en begon, mij forsend aanziende, met het pakket te rammelen. Ik vreesde dat hij achter het loket vandaan zou schieten en mij een geweldig pak slaag verkopen. Maar het liep altijd met een sisser af ! Verderop op de Overtoom had je Warburg, dat voor een NSB boekhandel doorging. Na de oorlog had de boekhandel ernaast ter onderscheiding een bordje in de etalage geplaatst 'Wij hebben niets te maken met de nsb winkel van hiernaast' !

Waar hielden we ons mee bezig?

Af en toe sloeg een rage onder de kinderen toe. Bijvoorbeeld knikkeren met als 'pot' holtes tussen straatstenen bij stoepen. Lemen knikkers waren in ongenade gevallen. Nee, het moesten mexxies zijn. Glazen knikkers met een wervelend kleurenpatroon als een DNA streng.
Dan weer was tollen geliefd. Dat moest dan wel een konisch toelopende tol zijn waaromheen een touwtje werd gewikkeld dat voor de draaiende beweging zorgde als hij weggeworpen werd, soms naar de overkant van de straat. Dat kon, want auto's waren er nauwelijks. Daarnaast waren er nog dievie-met-verlos en haasje-over. Meisjes gebruikten een paddestoelvormige tol met een zweepje. Jongens vonden dat te kinderachtig voor woorden.

Theo Thijssen beschrijft in zijn autobiografie 'In de Ochtend van het leven' veel van de spelletjes die zij in de jaren tachtig van de negentiende eeuw speelden. De regels waren zeer gecompliceerd. Ze zijn kennelijk niet van generatie tot generatie overgebriefd, want in de jaren dertig waren de spelregels tot een minimum teruggebracht.

Een ander seizoen was dat van de knaleffecten: vuurwerkbommetjes die @ een cent uit de snoepwinkel betrokken werden. Er waren ook japanse vuurpijltjes waaruit zich een parachute ontvouwde.
Goedkoper nog was kaliumchloraat met zwavel tussen een bout en moer te strooien. Werd de schroef op straat gegooid dan volgde een luide knal.

Snoepwinkel
Snoepwinkel

Overigens, ieder kind in de buurt kende de piepkleine snoepwinkel van vrouwtje Geurs in de Eerste Helmersstraat bij de Nassaukade (de huizen daar werden na de oorlog afgebroken en vervangen door een modern woonblok). Haar zoontje Dries zat op de Spieghelschool en werd herinnerd aan zijn eeuwige snotneus. Dochter Grietje ging op de J.v.Lennepschool. De kostelijke aanbiedingen bestonden uit een doosje lucifers, waarmee fikkies gestookt konden worden, veters drop, salmiak, koningsbrood, zoet hout, mexxies, klappertjes en nog veel meer spul dat misschien wel te vies was om aan te raken, zij het dat alles slechts één koperen cent kostte. Maar zelfs voor een halve cent had je al wat.
Tegen hartjes- en koninginnedag werd haar sortering uitgebreid met vuurwerk: bommetjes, rotjes, vliegende keukenmeiden, bengaals vuur, gouden regen, zevenklappers, zonnetjes, noem maar op, alles om een kinderhart blij te maken en de ouders tot vertwijfeling, als zij hun laatste centen, plakken (2½ cent) of duppies (10 cent) in rook zagen opgaan.

De postzegelmarkt aan de N.Z. Voorburgwal
Postzegelmarkt N.Z. Voorburgwal

Er werd ook druk verzameld. In de eerste plaats postzegels, soms in ruilboekjes gestoken. Een enkeling bezocht de postzegelmarkt tegenover het Telegraafgebouw om daar door handelaren afgezet te worden.
Sigarenbandjes verzamelen was toen al op zijn retour.
Tijdens de mobilisatie waren uniformknopen in trek. In de oorlog luchtafweergranaatscherven. De straten lagen daarmee bezaaid als een eskadron geallieerde vliegtuigen over de stad was gevlogen en beschoten. De huizen schudden dan op hun vesten van het lawaai van het afweergeschut. 's Morgens vroeg stoven jongens de straat op om scherven te zoeken - hoe groter hoe beter.

Een grote kick kregen zij ook door bij de verkeerslichten Nassaukade/Overtoom te wachten tot er een vrachtwagen aankwam en hangend aan de achterbak mee te liften - 'bakkie rijen'.

Jongens plachten als het kouder werd pofbroeken te dragen. Peulebroekjes waren er kennelijk in de jaren twintig uitgeraakt en zag je nergens meer. Petten werden ook niet meer gedragen, noch bretels, behalve in de Jordaan. Voor de kleuters waren matrozenpakjes nog steeds geliefd. Die zijn er met de oorlog uitgegaan. De zeevaart had kennelijk zijn fascinatie verloren.

Aan sport werd weinig gedaan. Lidmaatschap van verenigingen was te duur. De Helmerssstraten, waar nauwelijks verkeer doorheen kwam, waren een ideale speelplaats. Aan de Nassaukade lagen dekschuiten die met een flinke sprong bereikt werden. Fietssturen waren een doelwit voor de jongens die het celluloid, waarmee indertijd sturen bekleed werden, er af peuterden en met een vergrootglas tot ontbranding brachten. Gratis vuurwerk tot wanhoop van de fietsbezitters.

Buurtbioscopen

Kindermatinee in Huize Liefde
Bioscoop Huize de Liefde

Was er helemaal niets meer om ze bezig te houden dan verlosten ouders zich van hun kinderen door ze op vrije middagen naar een kinderfilm matinee te sturen. Voor huize De Liefde (1932 - 70) op de Da Costakade kregen ze 12½ cent mee en voor de Edison (1912 - 62) op de Elandsgracht een dubbeltje (Mokum TV van 14 mei 2005 zond beelden uit van het optreden van filmdiva Zarah Leander in de Edison bioscoop in de jaren zestig !).
Er was vroeger ook al een 'van Lennep' bioscoop geweest van 1911-14 in de Kinkerstraat 309-11, waar nu de Hema is. Er werden toen ook al kindermatinees gegeven, voornamelijk van cowboy films, voor een stuiver entree.
Ook op Overtoom 135 was een dergelijke bioscoop die eveneens een kort leven beschoren was.
Edison bioscoop op de Elandsgracht
Edison Bioscoop

Isr. Querido schreef in 1924: "Komt ge in deze volksbioscoopjes op de vrije schoolmiddagen, dan slaat u een walm tegemoet; een bende gierende, lachende of huilende en krijtende kinderen is daar een ganschen middag voor een dubbeltje of twaalf centen opgeborgen."

Stan Laurel & Oliver Hardy
Stan Laurel & Oliver Hardy>

Er was nog maar weinig veranderd. Ze maakten er kennis met de helden van het witte doek. Als de film "Texas Rangers" met een achtervolging besloot werd de zaal afgebroken. Stond er echter een vervelend liefdesdrama op het programma, waar de kleuters geen boodschap aan hadden, dan werden er krijtjes en gekauwde proppen papier in de lichtbundel van de projector geworpen en leverden de lichtflitsen afleiding genoeg.

De grootste traktaties waren wel de komedies van de Denen Wat en half Wat, Harold Lloyd in 'Pas op val niet', of Charlie Chaplin in 'Modern Times'.

De 'Dikke en de Dunne', Stan Laurel en Oliver Hardy, waren alleen in korte films te zien. Voor hun speelfilms: 'Fra Diavolo', 'Swiss Miss' en 'Een stad op stelten' moest men bij de grotere bioscopen in de binnenstad zijn. Ze trokken drommen bezoekers die eens de ellende van de crisisjaren wilden weglachen.



De Christelijke Voorbereidende Fröbelschool

Chr. Kleuterschool, Overtoom 1933
Kleuterschool Overtoom
Chr. Kleuterschool, Overtoom 105
Kleuterschoolklas

Veel kleuters uit de Helmerbuurt gingen naar de Christelijke Voorbereidende Fröbelschool op de Overtoom 105.



Uit hun herinneringen:

IJSBRAND: De jufs vertelden allerlei wonderbaarlijke dingen. Zo hadden zij het maar steeds over een paradijs met een zekere Adam en Eva, die om onverklaarbare reden zich bedekten als God voorbij trok.

Als ze zongen hadden ze het over "bêen". Wiens been bleef een raadsel. Dat het op gebeden sloeg drong niet tot ons door.

Zingen was ook leuk:
Als ik eens een vogeltje was,
O! wat zou ik vliegen,
'k Liet mij dan op hoge tak
Heen en weder wiegen.

of

Daantje zou naar school toe gaan,
Maar hij bleef gedurig staan,
Hier te kijken, daar te turen
En het kan niet lang meer duren,
Dan zal 't klokje negen slaan.
Jongen'! jongen! stap toch aan!

Met krijt kraste ik in een klein bruin schriftje of plakte er kleurige papieren knipsels in. Ook werd met klei gekliederd.

Een ander mysterie was dat van het geschreven woord dat nog niet onderwezen mocht worden. Als Juf even weg ging wees ze een jongetje of meisje aan die voor de klas moest gaan staan om toe te zien wie stout was. De namen van de boosdoeners moesten door het oppassertje op het bord worden geschreven. Aangezien ze niet konden schrijven behoefden ze alleen maar met een krijtje een golvend streepje op het bord te zetten. Als de Juf terugkwam kon ze alle streepjes op wonderbaarlijke wijze toch lezen. Maar ze vergaf de zondaren onmiddellijk.

Tijdens de middagpauze bleven de kinderen over en aten boterhammen uit een leuk broodtrommeltje waar wel eens een weeïg luchtje uit opsteeg. Daarna gingen ze voorover leunend met het hoofd op de armen een middagdutje doen.

De SPIEGHELSCHOOL

De Overtoom bij de Nassaukade in 1902. Het Spieghelschoolgebouw staat links op # 16.
De 'Nieuwe' Spieghelschool Marnixstraat

De 'Nieuwe' Spieghelschool aan de Marnixstraat werd in juni 2007 afgebroken.
De 'Nieuwe' Spieghelschool Marnixstraat
In 1886 was er een Spieghelschool op de N.Z. Voorburgwal. Maar in het begin van de 20ste eeuw was er ook een 'Nieuwe Spieghelschool' in de Marnixstraat, waar het Nieuwe de la Mar theater stond. De facade stond er nog tot voor kort, maar is nu ook al afgebroken. De schrijver-dichter-vertaler C.J. Kelk is in 1901 geboren op 'een Amsterdams bovenhuisje in een stille straat', zoals hij zelf in zijn herinneringen zegt. Het was de Bosboom-Toussaintstraat. Hij bezocht de Nieuwe Spieghelschool in de Marnixstraat. De jongens van het Barleusgymnaseum kregen er gymnastieklessen tot 1925.

Het gebouw zelf aan de Overtoom 16 was in 1896 ontworpen en enige jaren later daar neergezet. De Spieghelschool zelf moet begin jaren dertig naar de Overtoom 16 verhuisd zijn. Het oude gebouw aan de Marnixstraat werd daarna door de Stadsschouwburg o.a. als opslagplaats gebruikt. In de Tweede Wereldoorlog werd het gebouw ingericht als aanmeldingsbureau voor de beruchte 'Arbeitseinsatz'. Op 4 mei 1945 zijn de NSB-ers die er werkten door verzetsmensen doodgeschoten. Als vergelding heeft de bezetter twee dagen later 26 Nederlanders gefusilleerd. Het monument is onthuld in 1947.
Zie hier.

In 1945 zou een grote brand in het gebouw van de voormalige Spieghelschool in de Marnixstraat 404 hebben gewoed. Zie: hier.
"In de hongerwinter werd voor onze deur in de Tweede Helmersstraat een Duitse legerauto opgeblazen. Een paar minuten daarvoor passeerde ik daar nog. Was ik even later geweest dan was ik waarschijnlijk mee de lucht in gegaan. In de hele straat waren de meeste ruiten eruit."

Wanneer de Nieuwe Spieghelschool van de Marnixstraat naar de Overtoom verhuisde kan zelfs het Gemeente Archief, dat bitter weinig informatie over scholen heeft, niet zeggen. Het gebouw staat wel op bovenstaande foto uit 1902. Het hoofdkantoor van de Gemeentetram aan het begin van de Overtoom werd in 1923 gebouwd . Het buro van de Verkeerspolitie, tegenover de school, komt in 1924 gereed.

Spieghelschool aan de Overtoom 16 rond 1940
Spieghelschool in 1940

In de laatste jaren van de Tweede Wereldoorlog zouden de school-activiteiten van de Spieghelschool overgeheveld zijn naar een school bij de ten Katestraat. De leerlingen na de oorlog weten daarover tot dusverre weinig te vertellen.

De Spieghelschool staat in de 1991 telefoongids onder Spiegelschool, Corantijnstraat 9/2. Maar niet meer in de 2004 uitgave. Wim de Groot herinnerde zich dat in de oorlog de Staringschool met de Spieghelschool samenging. Gemeente Archief, of stadhuis: niemand heeft meer archiefstukken, of enige informatie, over het bestaan van de Spieghelschool, leerlingen en onderwijzers.

Uit herinneringen van oud-leerlingen uit de vooroorlogse tijd:

Aap, noot, Mies!
Aap, Noot, Mies
"Ik herinner me dat ik taartjes heb uitgedeeld aan onderwijzers op mijn 7de verjaardag" en "Ik had een heel prettige schooltijd. Van juffrouw v.d. Ent kan ik me nog herinneren dat ze streng was en dat ze een taartje kreeg als er een kind uit een andere klas jarig was. Dat was zo de gewoonte. Ze zat dat dan lekker in haar eentje op te peuzelen en zei : Kijken jullie maar goed, dan geniet je mee."
Het Jodinnetje van Elspeet
Het Jodinnetje van Elspeet

Onder handwerkles las de juf voor uit "Het Jodinnetje van Elspeet". Ik heb nooit de link gelegd met de vervolging van Joden, maar misschien heeft ze het toch met opzet gekozen. Voor ons komt het nu vreemd aan hoe in het boek over de joden gesproken wordt, alsof dit een aparte vreemde bevolkingsgroep was, waaronder personen die toch nog over uitmuntende menselijke eigenschappen bleken te beschikken.

En dan de leesboekjes van Ot en Sien, Pim en Mien. Inktlappen maakten wij van mooie lapjes met een mooie knoop erop. Die sponsendoosjes kon je ook gebruiken voor het laten ontkiemen van zaadjes.
"Dat kind met de diabolo op het etiket van de schriften herinner ik me nog. Ze stond met beide handen omhoog en hield de stokjes in haar hand. De shuttle zweefde daar ergens boven. Daar zat ik verwonderd naar te staren aangezien dat speelgoed in onze tijd niet meer in zwang was ."

"En dan dat schoonschrijven, ik herinner het me nog heel goed, later hadden we een schrift en daar was op de bovenste regel al een zin voorgedrukt in schrijfletters. De enige zin die ik me nog kan herinneren was: 'Water is de gezondste drank'. Wat later kregen we instructies om zuinig te zijn met het gebruik van de schriften. Vooral op de bovenste regel schrijven, want als alle kinderen in Amsterdam de bovenste regels niet beschreven, dan scheelde dat ik weet niet hoeveel schriften per dag. Het is wel voorgekomen dat we op de binnenkant van de omslag moesten schrijven omdat er nog geen nieuwe schriften waren aangekomen. Langs de randen van de etiketten waren Veilig Verkeer teksten gedrukt, zoals: 'De rijweg lood-recht oversteken, eerst links en daarna rechts gekeken.' - 'Recht oversteken' stond op de korte kant, dat begreep ik wel, maar wat de rijweg lood-recht betekende, daar begreep ik niets van. Ik kende dat woord helemaal niet, gek eigenlijk."

De schoolplaten, daar stond ontzettend veel op. Je raakte er eigenlijk niet op uitgekeken. In de leerboekjes (nog in de oude spelling!) stond vaak nog een stempel van de vroegere Spieghelschool in de Marnixstraat.
Af en toe werden we in een gesloten vrachtauto met houten binnenbekleding vervoerd, b.v. naar het IJsclubterrein voor het Concertgebouw op de een of andere feestdag, zoals Koninginnedag. De ouders waren dan gelukkig van hun kroost verlost. We deden daar aan zakkenlopen en kregen een flesje melk met een rietje.
Bij juffrouw van der Ent spaarden we wekelijks een cent om een bustochtje te maken per Cebuto bus naar een speeltuin bij Amersfoort.

Zingen was ook een geliefd vak, daar hoefde je niets voor te leren. De tonen werden in cijfers op het bord of een grote kaart afgebeeld,
De pont bij het dempie
Het pontje bij het 'dempie'.

"We speelden na schooltijd op het 'dempie' aan de Nassaukade. Daar kon je langs de kant op stenen stappen en zorgen dat je geen natte voeten kreeg. Er was een pontje met huisje, die je voor een cent naar de overkant, de Leidschekade, bracht.

Vanaf de vierde klas kregen we mijnheer L.S.S. Disma, die in de Legmeerstraat op nummer 56 woonde. Hij leek wat op Bolkestein. Disma had de gewoonte voor de klas heen en weer te stappen. Dan zei hij: "Jullie willen zo gauw mogelijk ouder worden, maar weet wel : 'elke dag een stapje dichter bij het graf. Memento mori." Misschien wist hij toen al dat hij heel ziek was.

Zijn lol kon niet op als hij ons tijdens een les over Drente inprentte: 'Zalig is het land waar het kind zijn moer' verbrandt!".
Hij had in 1939 al grapjes over Hitler. Dan vroeg hij hoe Hitler in China werd genoemd. Dat bleek 'foetsiemoetie' en 'hangkrenghang' te zijn. In Rusland 'slarottimof'.(Zie voor meer varianten de pagina 'Klein Verzet' van het verzetsmuseum

"Als je een 1e, 2e of 3e prijs had gewonnen met een opstel kreeg je van hem dropfiguren. Ik heb ze menigmaal gekregen , maar mijn moeder vond ze vies." Disma was wild enthousiast van de film Sneeuwitje, toen die uitkwam. Ik herinner me dat hij de dwergenmars 'Hey, ho' voor de klas opvoerde.

- - - - - - -

Klik hier voor filmpje Chr.Kleuterschool en Spieghelschool, Overtoom, 1938

en naar het Vliegenbos in 1938.

IJsbrand: Ik speelde altijd met Frits van Unen toneelsketches. Ik zou er wat voor over hebben om één daarvan: 'Eet meer bonen', nog eens te pakken te krijgen. Ik zoek er al veertig jaar naar! Ik goochelde ook op mijn manier. Zo kwam ik ook by Willy Nifterik thuis toneelspelen op een verjaardag denk ik. Maar haar moeder vond dat ik veel te veel rommel maakte en alles omstootte, dus stopten we voortijdig."

Sam Presser en Jurriaan de Ruyter 1939
Sam Presser en vriendjes

Ik zat naast Sam Presser, een joodse jongen, in de klas. Hij tekende wel eens hebreeuwse tekens voor mij. Sam was geboren op 22 november 1927, dus wat ouder dan ik. Zijn vader Levie was koopman (geboren 20-12-1894) en woonde in de de Clerqstraat. Sam verdween op een gegeven moment uit de klas in het begin van de oorlog. Ondergedoken, of naar een joodse school gegaan? Het heeft niet mogen baten. Volgens het Ned. Inst. voor Oorlogsdocumentatie werd hij en zijn familie op transport gesteld. Drie dagen voor zijn 16de verjaardag (19-11-1943) werd hij in Auschwitz vergast.

Willem Roda was een populair jongensboek
Willem Roda

Een schouwspel in de zesde klas was altijd dat een stoute leerling uit een lagere klasse doodsbang naar het hoofd (C.)Swart door werd gestuurd. Hij draaide dan de wang van het slachtoffer om en gaf hem met de andere hand behendig een draai om de oren!

Zaterdag voor het beëindigen van de week las hij altijd uit Willem Roda voor. Als ik er aan terugdenk zie ik nog een stoet aapjeskoetsiers voor me op een van de grachten. Althans in de geest, want het was het openingshoofdstuk van dat boek, dat tegenwoordig in de vergetelheid is geraakt! Zwart was eigenlijk leraar Engels maar kon waarschijnlijk in dat vak niet aan de slag komen. Ik heb me wel eens afgevraagd of hij in de klas van de schrijver van Willem Roda had gezeten. Van deze E. Heimans (1861-1914) is bekend dat hij veel voorlas uit zijn boek toen hij nog onderwijzer was in Amsterdam.

IJsbrand: In de klas zat ook Hans Götze. We waren allebei gefascineerd van film. Hij ontwierp scenarios voor een tekenfilm. Wij experimenteerden met direct tekenen op een blanco strook 35mm film. Oh, als we toen toch een computer gehad hadden! Hij werd goochelaar, maar was later bekend als kunstfotograaf, oprichter van een foto-academie in Haarlem en schrijver van boekjes over fotografie. Ik heb nog eens met hem in de jaren zestig samengewerkt aan een film over bejaardengymnastiek. Hij is vrij jong gestorven in de jaren zeventig .

Terug naar de Spieghelschool: Ik kreeg bijles van Disma @ f 1,50 per uur, hetgeen inhield dat je verzekerd overging! Ik ruik nog de zure adem die hij me in het gezicht blies als hij me privé overhoorde. Hij stierf tien jaar later.


De Vriendenbode

Ik maakte een paar handgeschreven 'krantjes': De Vriendenbode, maar hij miste een computer node in die tijd. Hij moest het helemaal met de hand in blokletters schrijven. Hij gebruikt carbonpapier maar kan slechts één kopie maken. Er slopen nog wel eens wat foutjes in, maar een kniesoor die daarover viel. Het eerste nummer is uitsluitend gevuld met wetenswaardigheden (Bijvoorbeeld: "Een paar jaar geleden verscheen in een Japanse krant het einde van een feuilleton die 21 jaar gelopen had en in 7300 stukken was verschenen.") en puzzels waarmee men een doosje schrijfbenodigdheden kon winnen.

In zijn tweede nummer van rond 1940 staan tekeningen van actuele gebeurtenissen: "De opbouwdienst leert zwemmen", " Bij Noordwijk is het strand afgezet", " Rijnaken worden allemaal naar het IJ gevoerd om doormidden gehakt te worden. Er liggen reeds 300 (Dit was 'zeer geheime' informatie en sloeg op voorbereidingen voor de aanstaande Duitse invasie in Engeland) en tenslotte:"Het Amsterdamse leven gaat zijn gewone gang."
Bom op hoekhuis da Costakade hoek v. Lennepstraat in 1940
1940. Bom op hoekhuis da Costakade hoek v. Lennepstraat
Daarna een alarmerend stukje: "TIJDBOMMEN OP AMSTERDAM". In de nacht van dinsdag op maandag toen er magnesiumbommen werden gegooid, hebben de engelsen ook twee tijdbommen op de huizen en op straat geworpen. De halve Kinkerstraat was afgezet. Alle huizen waren ontruimt.", volgens de redactie.

Dan volgt een praktisch stukje over hoe je een rol verduisteringspapier voor de ramen moet maken. "Tenslotte: De post wordt steeds duurder en omdat ik het krantje niet als drukwerk kan versturen wordt de prijs op 10c + 20c = f 0,30 geplaatst." Er verschijnt nog één nummer een half jaar later. De abonnee's kunnen verder naar hun geld fluiten.


- - - - - - -
Spieghelschoolklas 1936. De meeste jongens zijn reeds overleden - alleen de meisjes bleken taaier.
Spieghelschoolklas

Uit een reactie: "Ik ben ongeveer in 1946 op de Spieghelschool gekomen. Ik kwam toen ergens halverwege het schooljaar in de klas bij juffouw Bakker. Dat was de tweede klas.Vanaf de vierde klas zat ik bij "meester Steyn" in de klas. Hij was destijds het hoofd van de school. Ik herinner mij nog heel goed het geluid van de trekbel, daar moest je aanbellen als je te laat kwam.

In de pauze "het speelkwartier" gingen wij keurig in de rij met de hele klas met meneer Steyn een vaste route wandeling maken, elke dag. Ik weet ook nog dat meneer Steyn in de Lekstraat 26 woonde , dat zijn vrouw onderwijzeres was en dat hij elke dag op de fiets naar school kwam. Ook heeft hij eens verteld dat hij een neef van Cor Steyn was. Ik herinner mij ook de gang op de eerste verdieping en de mooie schoolplaten aan de muur. Op de gang stonden ook gele kisten, waarin de schoolplaten bewaard werden. In de klas hadden we een "podium" waarop de lessenaar van de meester stond en aan zijn rechterhand, tegen de muur stond ook een gele kast, daarin werden de schriften bewaard. Je moest een schrift altijd helemaal vol schrijven want het was oorlog geweest en schriften was een schaars goed. Als je een inktvlek maakte op je werk of in je schrift, dan stond daar een zware sanctie op. Soms kwam een pottenbakker of een glasblazer op school, deze evenementen vonden altijd in het gymnastieklokaal plaats.

Verder weet ik ook nog dat de kamer van meester Steyn recht tegenover de trap op de eerste verdieping was. In die kamer kwam de schoolzuster, die keek of je luizen had met een glazen staaf door je haar. Ik ben daar ook wel eens ingeënt, Joost mag weten waartegen.

De schoolarts weet ik nog goed. Die kwam af en toe de klas in om te vragen of er nog problemen waren. Een vriendelijke man weet ik wel. Die keuringen in het GGD gebouw vond ik niet prettig. Mijn moeder en de juf zaten erbij aan een tafeltje en ik voelde me dan zo vreselijk bekeken. De jongens werden in hun onderbroekje betast of hun testikels wel naarbeneden gezonken waren."


- - - - - - -
foto: Hoofd Zwart bibbert van de kou bij de voordeur.
Hoofd van de school Zwart

"Steijn heeft nog doorgewerkt op onze school tot in de jaren vijftig en is inmiddels overleden, tijdens mijn werkzaamheden, een jaar of vijftien geleden, ben ik hem tegengekomen in de lift in flat Kouwenhoven, een flat in de Bijlmer. Hij kwam toen net uit het ziekenhuis. Tijdens een onderzoek was vastgesteld dat hij longkanker had.

Ik herkende hem aan zijn puntneus en zijn stem. Hij woonde op de 16e verdieping en had 2 papegaaien(sprekende). Daar heb ik dus ook zijn vrouw voor het eerst gezien. Toen bleek dat hij niet lang meer te leven had. 3 Weken later was hij dood.
Er was nog een onderwijzer op school, die heette meneer Hezemans."

Tot de jaren zestig hadden opgroeiende kinderen geen sexleven, althans er werd geen melding van gemaakt in kinderboekjes. Toch was het zo dat in de hoogste klassen van de lagere school de nieuwsgierigheid daarnaar bij de schooljeugd begon te ontwaken. Thuis moesten ze in het algemeen niet aankomen met hun vragen over sex. Ouders geneerden zich het daarover te hebben. Dus waren de jongeren aangewezen op geheimzinnig gefluister en verknipte informatie.
De sterke scheidingslijn tussen jongens en meisjes, die zich op de lagere school nauwelijks met elkaar bemoeiden, begon af te brokkelen met het ontwaken van sexuele gevoelens. Er werd meer naar elkaar gekeken. Procentueel zouden er ook twee homosexuele kinderen in elke klas moeten zitten. Dat onderwerp was echter zo taboe, dat geen van hen het in die tijd ooit zou durven zijn ware gevoelens prijs te geven.

Voor zo ver na te gaan heeft mijn klas geen hoogvliegers opgeleverd. Wim de Groot was misschien wel de succesvolste. Hij richtte een internationaal opererende aannemermaatschappij op. Een klein aantal klasgenoten ging naar de HBS, hetgeen al hooggegrepen was, veel meer gingen naar Meer Uitgebreid Lager Onderwijs (MULO) scholen, en een enkeling naar de ambachtschool. Van de jongens zijn nog maar weinigen in leven. Het werden, op een uitzondering na, allemaal rokers - de meisjes daarentegen bleken over een taaier gestel te beschikken. Velen van hen leven nog.



De Helmersbuurt
De Helmersbuurt

De Jacob van Lennepschool

De oude Jacob van Lennepschool voor MULO onderwijs bevond zich in de Jacob van Lennepstraat. Hij verhuisde waarschijnlijk midden jaren twintig naar de da Da Costa straat, die door de bezetter in de oorlog in 1942 tot de van Tienhovenstraat omgedoopt was. Deze en de aangrenzende school zijn thans geheel omgebouwd. Er wordt nu vakonderwijs gegeven, o.a. in het hotelwezen. Er bestond ook in de Rivierenbuurt een van Lennep Lagere School in de Reggestraat, die hier onbesproken zal blijven.
Schoolboeken werden algemeen betrokken van boekhandel Barendrecht op het da Costaplein. Daar stonden drommen scholieren na de grote vakantie. Op hetzelfde plein organiseerde Eddy Christiani in 1932 met buurtviendje Dick Maten (later bekend geworden als Dick Wama) een 'avondconcert'. Het eerste nummer dat ze spelen is 'I’m Nobody’s Sweetheart', de grote hit van The Mills Brothers uit 1931.

De oude v. Lennepschool in de J.v.Lennepstraat.
foto: De oude v. Lennepschool in de J.v.Lennepstraat

In de oorlog werd de joodse leraar Frenkel toegang tot de school ontzegd door de bezetters. Op 25 februari 1941 deden veel leraren en leerlingen mee aan de februari proteststaking. Die staking is een geschiedenis apart en wordt elders op het web beschreven. De school werd in 1944/5 gesloten nadat de Wehrmacht in de van Tienhovenstraat introk. De klassen werden daarop ondergebracht in de Rombouthoogerbeetsstraat . Wim Woudenberg: "In de hongerwinter werd nauwelijks les gegeven. We gingen maar enkele ochtenden per week naar school. Er werd hoofdzakelijk gepraat over de vorderingen van de Amerikaanse en Engelse legers. Bij de bevrijding zaten we daar nog. Later gingen we terug naar de da Costastraat. in de Chasséstraat.

Pas na de bevrijding werd er weer les gegeven en dat was te kort om nog wat te leren voor een normaal examen. We kregen dan ook alleen een Schooldiploma als bewijs dat we de MULO goed hadden doorlopem.(Zonder puntenlijst).

Machielse was het hoofd van de school en in het algemeen geliefd. Hij bleef zeker tot ongeveer 1954 in functie. Hij placht zich op een motorfiets voort te bewegen, maar in de oorlog kreeg hij daartoe geen kans.
Verder waren er J.H. Peters - leraar duits, engels, frans geschiedenis.

Scholieren werden meestal bij de achternaam door de leraren aangesproken en soms ook door hun klasgenoten.
IJsbrand Rogge herinnert zich uit de jaren 1941-43 klasgenoten Philip Mok van de van Lennepkade, Ton van Baalen, Alberdink Thijmstraat, Frits van Unen van de Overtoom, Cor Stiphout, Wim Sleyster, Tonny Löhr, Wim Woudenberg en Lia Dumee.
In latere klassen zaten Hans Merkelbach, thans wonende in Canada, en Kees/Cornelius Rogge, thans beeldhouwer.

Er werd ergens in 1941/2 een demonstratie gramofoonplaten opname gegeven in de gymnastiekzaal. Frits van Unen en IJsbrand Rogge hebben toen een stukje voorgedragen waarvan een gramofoonplaat werd gesneden. IJsbrand zou er een vermogen voor over hebben die plaat nog eens te pakken te krijgen.

De hongerwinter in klas 3c. Er werd nauwelijks les gegeven. We gingen maar enkele ochtenden per week naar school. Er werd hoofdzakelijk gepraat over de vorderingen van de Amerikaanse en Engelse legers.(Wim Woudenberg)

Een klasgenoot herinnert zich: Meester Vonke! We hebben deze man wat gepest, 't liedje "Vonke heeft een hobbelpaard, zonder kop en zonder staart" werd vaak gezongen. We zaten een zoemend geluid te maken en de arme man kon maar niet ontdekken wie het deed. Hij sloop zelfs op van die geruite pantoffels door de klas maar hij ving de boosdoener niet.
Een andere keer kreeg hij een glimmende bruine kunstdrol, verkregen uit een feestwinkel, op zijn tafel gelegd. De arme man reageerde dan in zo’n situatie altijd op een wijze die ons de grootste lol bezorgde. En dan de uitgekouwde propjes papier, liefst nog met een draadje garen, tegen het plafond gooien, die bleven daar dan kleven tot ongenoegen van de hr. Vonke. Niemand zei wie het had gedaan, dus de hele klas moest nablijven.

En dan het carbid in de inktpot! Met grote ogen stond hij daar naar te kijken alvorens hij(Vonke) ontplofte.
Hij had ook de gewoonte als hij strafwerk uitdeelde om je dan een aantal hoofdstukken uit het geschiedenisboek te laten overschrijven. Maar hij had tevens de gewoonte om je de geschiedenisstof in te prenten door middel van het laten overschrijven van hoofdstukken uit het geschiedenisboek. Het gevolg was dat je schriften had volgeschreven met genoemde tekst. Vonke controleerde of je de overschrijf opdracht had volbracht en zette dan in de kantlijn een rode G. Deze schriften waren dus een chequeboek waaruit je ingeval van strafwerk een aantal pagina’s kon scheuren om aan de strafwerkopdracht te kunnen voldoen, de door Vonke geplaatste Gs werden door mij verandert in rode stippen. Toen ik het strafwerk inleverde vroeg Vonke wat die rode stippen te betekenen hadden. Ik zei dat ik dat had gedaan opdat hij dan makkelijk kon controleren of ik het aantal hoofdstukken had overgeschreven die hij had opgegeven, per hoofdstuk dus een rode stip. Nou, Vonke vond het best.

Alles werd er behoorlijk ingestampt. Vooral die rijtjes: Mit nach nächst nebst..... en: Ämter, Bäder, Bänder, Bilder, Blätter, Bretter, Dächer, Dörfer, Felder.....

Schaap - was leraar duits (als je zei: 'ik geloof....', antwoordde hij altijd: 'ik ben niet geïnteresseerd in je geloof, alleen wat je weet!' ). Henk Mühlbauer herinnert zich uit 1952: Meneer Schaap was de vervanger van Machielse. Schaap was in Staphorst geboren en vroeg ons de eerste schooldag wie daar wel eens geweest was. Toen niemand reageerde zei hij bars: 'beloof mij dan nu dat geen van jullie daar ook ooit naar toe zal gaan.' Ik heb mij tot op heden daaraan gehouden. Hij zat in 1954 nog op de school.

Van der Werff - was leraar wiskunde. IJsbrand Rogge: 'Ik moest eens voor straf een aantal hoofdstukken uit het dierkunde boek overschrijven. Ik baalde ervan maar wist er toch schik in te krijgen door een loopje te nemen met de tekst en er de meest absurde dingen bij te verzinnen. De onderwijzer, het kan van der Werf geweest zijn, kreeg het in de gaten en vatte het humoristisch op. Ik moest mijn kolderverhaal voor een paar klassen voorlezen. Waarschijnlijk had ik er zelf nog het meeste schik in!'

V.d.Hulst: Aardrijkskunde en Geschiedenis (Paul den Boer: alles uit je hoofd leren). IJsbrand: Hij had een nasale stem en inderdaad je moest practisch woordelijk opzeggen wat er in het leerboekje stond, wat voor mij met een slecht geheugen een enorme opgave was.

Van der Werf stak zijn sympathieën niet onder stoelen of banken. Alhoewel er een NSB leerling in de 1940-44 klassen zat tooide hij zich in rood-wit-blauw. "V.d. Werf kon soms zijn handjes niet in bedwang houden, als een vrouwelijke leerling voor de klas moest komen om b.v. iets op het bord te schrijven dan lukte het hem altijd om 'per ongeluk' een opkomend borstje aan te raken."

Nico Kroese: Luske was onze klasseleraar waarvan we Duits kregen. Een uitstekend onderwijzer, wiens zoon werd doodgeschoten door de duitsers omdat hij in de ondergrondse was. Luske is daarna nooit meer dezelfde geweest, zijn verdriet was tè groot. Ironisch dat hij Duits onderwees!


Andere leraren waren:
V.d. Berg (of Vonke?) , geschiedenis. "Je moest alles woordelijk opdreunen bij het overhoren "(Lees ook Cor Stiphout hierboven) Juffrouw Vermeer (als ook Sybille de Graaf) - steno
Leraar: Boeken. Joodse leraar, werd in 1942 'afgevoerd'.

De Jacob van Lennepschool fuseerde rond 1980 met twee andere scholen en vormde de SGCOW (Scholen Gemeenschap Centrum Oud West) in de Jan van Galenstraat.


Waar beluisterden en lazen we?

Populaire deuntjes uit die tijd:

Alle mobilisatie liedjes, als 'Wie heeft 'r suiker in de erwtensoep gedaan', 'Holder-de-bolder, we hebben een koe op zolder' (een satire op de hamsterwoede).
Eddy Christianie's : 'Ouwe Taaie' (in 1943 verboden!); 'Zonnig Madeira', en 'Als op Capri de rozentuinen bloeien'.
Johny & Jones (totdat ook zij 'afgevoerd' werden) met o.a. 'Meneer Dinges, weet niet wat swing is',
de Ramblers met 'Steeple Chase', 'Ik ben verliefd op een keukenmeid'.
Het in 1940 populaire liedje: Oh, kleine herdersjongen'(klik voor originele melodie) werd verbasterd tot:
Oh, kleine schildersjongen,
Wat ben jij toch begonnen,
Want met al jouw mitrailleurs en bommen,
Kun je lekker niet in Eng'land kommen'

In de minne minne maneschijn bombarderen ze Berlijn....

'Underneath the spreading chestnut tree',
en talloze andere deuntjes.


Wat stond er in de krant van juli 1941 ?

Een greep uit de berichten:
  • Moskou belegerd door duitse invasietroepen.
  • Algemene dienstplicht in Ned.-Indië. Jam en stroop op de bon, rantsoen 1 pond per maand.
  • Tom Poes in de tovertuin. Tijs Wijs de torenwachter.
  • Echtpaar 40 jaar gehuwd (met foto).
  • Kaagweek. Valkenburg is weer klaar voor een grote stroom vacantiegangers.
  • Loopjongen maakt goede sier in Zandvoort met drie honderd gulden van zijn baas.
  • Marktbezoeker in elkaar gezakt, jongen stal gauw hoeveelheid veters van hem.
  • Damesrijwiel gestolen en teruggevonden, maar zonder banden.
  • Advertentie: te huur ten Katestraat 1ste bovenhuis voor f 5,25 per week.
  • Radio: Klaas van Beeck en zijn orkest, de Romancers, Malando, the Kilima Hawaians

Links:


Filmpjes:

  • Mijn YouTube clips over oud Amsterdam

  • Literatuur:

    • Arnoldussen & van Diepen A.(redactie): Oud-West (2003)
    • Bakker, P.: Jeugd in de Pijp (1946)
    • Blokland S. van: Nakaarten : Amsterdam rond de eeuwwisseling met oude prentbriefkaarten (1997)
    • Bongaardt, Jos v.d.: Elke week een goed bad! (Badhuizen van Amsterdam, 1990)
    • Cornelissen Igor: De GPOe op de Overtoom (1989)
    • Elenbaas P. & Berends L.: Tijdopname. Vijftig veranderde gezichten van Amsterdam (1992)
    • Fennis, P.: Oud-West. 100 Jaar verandering in beeld. (2000)
    • Fennis, P.: De buurten van Oud-West (2010)
    • Heydra T.: De victorie begint in Oud-West (2001)
    • Kooger Hans: Oud-West. Herinneringen aan de Amsterdamse da Costabuurt (1988)
    • Kooij F. van: Amsterdam - Overtoom in vroeger tijden (2001)
    • Mens, Jan: Koen (1941 - een jongen groeit op in de Kinkerbuurt)
    • Mens, Jan: Op liefdes lichte voeten (vervolg op 'Koen')
    • Maandblad 'Ons Amsterdam' juni 2011 ('Gemeente zwichtte drie keer voor bewonersprotest') over het ontstaan van de Helmersbuurt.
    • Rövekamp, A.J.M.: De Overtoom en Dichtersbuurt (1978)
    • Sloots K.: Amsterdam Oud-West van 1900 tot nu. (1994)
    • Thijssen Theo: Kees de jongen (1923)
    • Toorn, W. van: De Rivier (2002). Herinneringen aan 'De Baarsjes' buurt
    • Tulder R. van: Kinnesinne-ijs & Berliner bol (Amsterdam in de jaren dertig (1994)

    Uw herinneringen gevraagd

    Heeft u nog herinneringen/foto's/films uit deze buurt in de jaren dertig en veertig?
    Ik zal ze graag van u horen/zien. Email naar manandu @ xs4all.nl, maar laat de spaties in het adres weg, (die zijn daarin gezet om spam te voorkomen), of zet een bericht in mijn gastenboek (klik hier).

    Ik heb nog talloze vragen: Wanneer verhuisde de Spieghelschool van de Marnixstraat naar de Overtoom eind jaren twintig van de vorige eeuw? Wie heeft de volgende scholieren gekend? Willie Nifterik, Philip Mok, Sam Presser, Fred(die) van Dam, Steffie Dolk. Wie heeft herinneringen aan de Jacob van Lennepschool in de Tienhovenstraat, in de oorlogsjaren, of van de Theosofische Lotus cirkel (zondagschool)? Of foto's uit die tijd?

    Op het web sinds 25 juli 2005, aangevuld: 17 november 2012

    © IJsbrand Rogge 2012