De Werelden van I J S B R A N D
XXI



VAARWEL JAPAN
1960

Het jaar 1960 begint met een nieuw enthousiasme voor filmmaken. IJsbrand pikt zijn filmplannen weer op en wil van bestaand materiaal één film maken, die hij als voorbeeld van zijn kunnen kan tonen. Oud- en Nieuw heeft hij bij Hans en Joke van Rossum en Hans en Toyoko Brinckmann doorgebracht. De gezelligste in jaren vindt hij.

IJsbrand in badmantel tijdens een kantooruitje.

In een vlaag van zelf-reflectie schrijft hij naar huis: In een nieuwe carričre zal ik voor mezelf een groter obstakel zijn dan de strijd om het bestaan. Terwijl er een stroming in me is die me aanspoort tot creativiteit en die altijd gepaard gaat met verlossende symboliek in dromen is er een tegengestelde stroming die na verloop van tijd het altijd weer overneemt: terug naar het gemak, de zekerheid, het oude gangetje.


Uit Nederland komt het heugelijke nieuws dat op 15 januari bij Kees en Emmy een babietje geboren is op 15 januari, die ze Yvette hebben gedoopt. IJsbrand laat onmiddellijk een horoscoop trekken van de telg die met een Steenbok zonneteken en een Tweelingen ascendant door het leven zal gaan. Ze gaan in het oude huis op de Jacob van Lennepkade # 59 wonen.


Inmiddels heeft Adriaan Noë het van Rudi von Pestel overgenomen, die met verlof gaat. Als vrijgezel heeft hij veel culturele interesses. Zij voelen elkaars onbesproken geheimen zuiver aan. Hij zal niet lang in Tokyo blijven. In september wordt Noë alweer naar Bangkok overgeplaatst.
In Amsterdam heeft directeur d'Ailly om onbekende redenen ontslag genomen, of wel gekregen.


Inmiddels is de familie in Amsterdam in het nieuwe pand op de Willemsparkweg een kunstgallerie begonnen. Ondanks alle bezwaren houdt Kees er toch met zijn vriend DirkJan Ribbeling een expositie. Alhoewel ze 500 uitnodigingen versturen trekt de expositie weinig belangstelling. Auke Sonnega houdt in een andere gallerie een expositie waarvoor 6000 uitnodigingen verzonden worden - ook al zonder veel succes.
Kees en zijn moeder worden heen en weer geslingerd tussen hoop en twijfel. Dubieuze figuren weten hun precies te vertellen wat ze moeten doen en beloven hun gouden bergen. Ook hebben ze een aanvaring met Gallerie Kartina, die niet afrekent voor doorgestuurde exposanten.


IJsbrand begint zich zo langzaamaan voor te bereiden op een nieuw bestaan. Hij schrijft zich in voor Naganuma's Basic Japanese Course om de taal nu eens beter onder de knie te krijgen. Het is een vreemde gewaarwording dat er zelfs een Japanner in het groepje cursisten zit. Het is een z.g. Nissei die in Amerika is opgegroeid en nooit zijn landstaal heeft geleerd. Er wordt slechts Japans gesproken door een lerares die veinst dat ze heel geďnteresseerd is in het leven van haar pupillen.

In de krant leest hij een advertentie dat een professor in de fotografie onderdak zoekt. Hij besluit er op te schrijven in de hoop dat hij wat over professionele fotografie van de docent kan oppikken. Hij krijgt een telefoontje van een Karl (Walter) Glück, de steller van de advertentie en ze maken een afspraak. Er verschijnt een typische Amerikaan met een crew cut die omstandig uitlegt dat de advertentie nep is. Zijn bedoeling is een beetje respect af te dwingen als 'sensei' (leraar, meester) in de hoop een gunstige aanbieding uit te lokken. Er is al een gekomen van een Zen tempel waar kamers verhuurd worden.

IJsbrand krijgt ook Karl's verdere levensgeschiedenis te horen. Na zijn 'college' had hij te horen gekregen dat er voor de welfare organisatie ter bestrijding van armoede in de wereld, 'CARE', uitzendkrachten gezocht werden. Met een beetje smokkelen bij het examen was hij verkozen om uitgezonden te worden naar Korea. Eigenlijk interesseerde het doel van de organisatie hem geen sikkepit, maar hij kon zich daar wel vorstelijk met een chauffeur rond laten rijden om foto's nemen. Want eigenlijk ging zijn hart uit naar de fotografie. Glunderend vertelt hij hoe hij met 'ritselen' uit PX stores allerlei spullen weet te versieren, zo niet door te verkopen.

Als hij op zijn praatstoel zit komen verhalen los. Hij was ook al eens in Nederland geweest en heeft geleerd hoe je daar meisjes kunt versieren. Hij kon daar ook als figurant werken bij de productie van 'Het Dagboek van Anne Frank'. Hij kende bovendien de hoofdrolspeelster Millie Perkins nog van college, dus ook met die was hij in bed gedoken.

Het interesseert IJsbrand eigenlijk geen biet, vooral als blijkt dat hij van Karl nooit iets van fotografie zal opsteken. Die ontwikkelde zijn films niet eens en liet de belichte rolletjes rondslingeren! Het ergste is dat hij in de loop des tijds 's avonds laat bij IJsbrand komt 'buurten' om hem op de hoogte te houden van zijn escapades met Japanse meisjes. Die smokkelt hij de Zen tempel binnen. Ze sluipen op kousevoeten over de krakende houten gangvloeren om maar niet betrapt te worden.

Als hij hoort dat IJsbrand af wil reizen naar Nederland doet hij hem het voorstel een Chinese jonk te kopen en die als museum in te richten. Daarmee zouden ze dan koers zetten naar Europa en bij alle havens een bezichtiging geven. Ja, waarvan? IJsbrand zal zich nog liever ophangen dan aan boord vergast te worden op eindeloze verhalen over zijn liefdesescapades en daar ook nog getuige van te moeten zijn!

Later zal Karl weer voor zijn neus staan in Nederland, waar hij naam maakt als Victor Glück, 'de schilder die Rembrandt in de schaduw stelt'! Zijn hang naar een jonk wordt vertaald naar een verblijf op een huisboot in de Amstel onder de rook van de Stopera. Hij weet naam te maken als groot kunstenaar: Victor IV en Bulgar Time. Op het hoogtepunt van zijn roem zal hij ten onder gaan. Bij duiken onder de begroeide boeg van zijn woonboot zal hij een zeemansgraf vinden. Zijn begrafenis wordt door de culturele elite van Amsterdam bijgewoond. De burgemeester verklaart dat Karl's heengaan diep betreurd wordt door de Amsterdamse culturele gemeenschap!


Peter en Phia Wiersinga bij de keizer op bezoek met IJsbrand's apparatuur

In maart 1960 zet IJsbrand er een spurt in. Hij is van plan een nieuwe film over Japan te gaan opnemen in professioneel formaat. Het meest mist hij nog een compagnon om hem te helpen en de financiele last te delen. Hij zet advertenties in een aantal beroepsbladen - ontvangt wel interessante reacties, maar geen die hem werkelijk voort kan helpen.

Zo heeft hij een brief aan Bert Haanstra geschreven en hem een Japans/Nederlandse co-productie voorgesteld. Ook naar het tijdschrift Televizier gaat een voorstel voor een artikel over Japan. Hij zend hen foto's toe, maar krijgt geen been aan de grond. Daarvoor is hij te onbekend.

Pech achtervolgt hem. Zijn camera op statief raakt uit evenwicht en kletst op de keien. Reparatie is vereist.

Als pleister op de wonde heeft het Museum voor Land en Volkenkunde in Rotterdam interesse getoond in een film over Japan. Hij zendt ze zijn Hong Kongse Sunrise film ter beoordeling toe, die door Kapt. W.Z.Mulder hogelijk gewaardeerd wordt.
Hij kiest de naam 'World Alive Films' voor zijn filmbedrijf.

Er is sprake van de komst van de Karel Doorman naar Japan, op doorreis naar Nieuw-Guinea. Hij schrijft Polygoon en de Nederlandse Televisie Stichting aan om de aankomst te verfilmen. Het plan strandt nadat de Japanse regering in verband met de kwestie Nieuw-Guinea het vliegdekschip niet wil toelaten in Japanse wateren.

Op het Nikko tempelfestival (photo: Karl Gluck)

Met Karl Glück bezoekt hij daarop een groots opgezet festival in Nikko. Naast de traditionele tocht met een 'mikoshi' tabernakel wordt er ook de kunst van boogschieten gedemonstreerd. Daarna neemt hij nog twee vakantiedagen op om een festival in Kyoto te verfilmen, dat al even kleurrijk is. Als er iets is waar hij later geen gebrek aan zal hebben dan zijn het wel opnames van festivals en demonstraties.


Als IJsbrand 31 wordt in mei '60 neemt hij de belangrijke beslissing om de bank te verlaten. Hij staat nu op een kruispunt in zijn leven. Enerzijds doorgaan in zijn loopbaan bij een bank die op zijn laatste benen loopt, of anderzijds zich storten in het avontuur van een free lance bestaan in de cinematografie, waar zijn hart naar uitgaat.

Zijn gesternte heeft in het bankwezen gelukkig geneigd, maar zou volgens zijn astrologische raadsman slechter geaspecteerd zijn voor wat de film betreft.
Achteraf zal blijken dat op dat moment de bank toch betere kansen had geboden aangezien de buitenkantoren van de Nationale Handelsbank door Amerikaanse banken overgenomen zouden worden vier jaar later. Er zou een veel gunstiger afvloeiďngsregeling komen, en voor de doorzetters een betere salariëring en pensioen. Kortom: IJsbrand heeft zich door de van der Elskens het hoofd op hol laten jagen waarvan hij nu de zure vruchten zal gaan plukken.

Meegewogen moet worden dat hij door twijfels belaagd wordt over zijn functionneren als bankier. In het bijzonder over het bewegen in sociale kringen, zoals van een bankdirecteur verwacht wordt. Hij heeft last van exceem in het gezicht en begint soms zonder aanleiding te blozen in gesprek met een klant die hem doordringend aankijkt. Dat kan begonnen zijn bij zijn confrontatie met een klant van de bank die nadat hij van zijn film hobby hoorde hem suggereerde porno films op te gaan nemen. Het afront dat men hem zoiets durfde voorstellen zat hem hoog.


Kritisch verslag vande jaarvergadering, 24 juni 1960

In artikels in kranten in Nederland staat dat de bank aan het doodbloeden is en de oude heer Dunlop elke vernieuwing in de weg staat. Andere kranten leggen verband met een afwijzing van een aanbod van een duitse bank om hen over te nemen - maar dat wordt weer van hun zijde ontkent. Zo blijft onzekerheid voortduren. Hans Alberts neemt inmiddels zijn ontslag.

IJsbrand wacht met het verzenden van zijn ontslagbrief tot de jaarvergadering in juli, om zijn gratificatie zeker te stellen. Hij geeft als reden op dat hij een andere wending aan zijn bestaan wil geven. Hiervoor toont de directie begrip. Waarschijnlijk komt het ook niet onverwacht. Hij krijgt een maand basissalaris per dienstjaar uitgekeerd, hetgeen neerkomt op f 13.000. Als hij later een tegemoetkoming vraagt voor verzending van een deel van zijn bagage krijgt hij echter nul op het rekwest.

Hij vuurt weer een barrage van brieven op mogelijke opdrachtgevers af. Via RIL vertegenwoordiger Frans le Poole richt hij zich tot de Nederlandse Scheepvaart Maatschappij.
Ook zijn er managers van andere maatschappijen in Japan, zoals de KLM, die een goed woordje voor hem willen doen bij hun hoofdkwartier. Zijn zwak is dat hij weinig te tonen heeft aangezien zijn tot dusverre gemaakte films weinig commercieel van aard en niet op professionele snelheid van 24 bps opgenomen zijn.

De heilige berg Fuji.

In Japan tracht hij ook opdrachten te verkrijgen. Een oud-employee van de bank, Takeo Obo, zet zich voor hem in. Ook Orion Press neem zijn foto's in consignatie. Contact Films in Nederland willen hem als kontaktman aanstellen voor import van Japanse films in Nederland. Hij bezoekt Toho Films om te onderhandelen over import van 'The seven samurai'. Ook de NHK zijn wel in zijn films geďnteresseerd, maar hebben zelf al een crew door Azië reizen.

In juli zijn de enige reacties die hij ontvangt van het museum voor Land- en Volkenkunde en de scheepvaart maatschappij. Hij woont nog in het huis dat de bank voor hem huurde. Zijn plaats wordt ingenomen door Ton de Haan uit Osaka, die ook bij hem komt inwonen. Omgekeerd zal IJsbrand een tijdje bij hem mogen blijven, want een ander onderkomen heeft hij niet.
Hij zendt al een lading boeken, kampferkist en andere spullen vooruit naar Nederland en laat de rest opslaan bij de Japan Express. Zijn auto verkoopt hij voor $ 750 aan Andries Jansma. Jakorasan, de bejaarde huishoudster, heeft al te kennen gegeven haar baan op te willen geven om zich bij haar zuster op het platteland terug te trekken.

IJsbrand met assistent in de tuin van het Sojiji klooster in Yokohama.

Hij zoekt nu serieus een assistent/tolk: 'Dutchman seeks young Japanese enthusiast to help him make documentary film about Japan'. Hij krijgt antwoord van een Japanner achter in de twintig die een functie als tolk zoekt. Hij besluit maar met hem in zee te gaan bij gebrek aan beter. Hij verschijnt echter vaak niet op de afgesproken tijd en neemt een vreemde leugenachtige houding aan. Het wordt duidelijk dat hij een gesjeesde student is die hem wat over zijn achtergrond op de mouw gespeld heeft. Hij geniet echter van het reizen en trekken. Als ze in de trein zitten knoopt hij praatjes aan met mede-reizigers, wijst op IJsbrand en vertelt hen in het Japans dat hij een bekend cineast vergezelt die een belangrijke documentaire aan het maken is.

Af en toe verdwijnt er etenswaar uit IJsbrand's bagage. Als hij zijn assistent daarop aanspreekt krijgt hij verwijten terug dat hij die zelf vergeten is mee te nemen. Als IJsbrand dat op een keer te machtig wordt opent hij wild de tas van zijn hulpje en ontdekt dat die daarin alle spullen verstopt heeft die hij had gemist!

Het Fuji meer

Ochtendstond aan de voet van de Fuji

Desalniettemin reizen ze stad en land af. Ze bestijgen de berg Fuji, althans voor een deel, bezoeken een klooster daar en filmen de vreemde wolkenwervelingen rond de top.
IJsbrand staat al voor dag en dauw op om brieven te schrijven en interessante plekjes of festivals in Japan na te speuren in allerlei publicaties, reisbeschrijvingen en kranten.

Ze trekken naar het Noorden naar de Kasumi-ga-ura lagune waar volgens een reisgids nog de oude vissersschepen te zien zouden zijn, zoals ze op geromantiseerde plaatjes afgebeeld worden, uitgerust met een driehoekig zeil, glijdend over een door maanlicht verlichte flonkerende zee.

Zijn auto kan al gauw niet verder, want het weggetje dat er naartoe leidt loopt geheel dood in een gehuchtje. Het is laat en hij vraagt of ze bij een van de mensen slapen kunnen. Dat lukt hem. De hele buurt loopt uit alsof hij een 'alien' is. Hij mag een bad nemen in een ouderwetse grote tobbe met gloeiend heet water in een open schuur. Als IJsbrand zich daar naakt voorzichtig in laat glijden kijkt de hele bevolking toe.
Helaas krijgt hij de beloofde zeilschepen niet te zien.


Een andere keer logeren ze een paar dagen in Yokohama in het Soto Zen Boeddhistische Sojiji klooster. Ze worden daar heel vriendelijk ontvangen. IJsbrand wordt bijgestaan door Roshi Sumi en mag alle verrichtingen opnemen. Sumi Togen zelf is een modern mens van 48 jaar, die Lucky Strike rookt en zelfs golf speelt.

Als ze daar zijn neemt een andere roshi afscheid voor zijn vertrek op een missie naar Amerika, betaald door Soto Zen gelovigen aldaar . Er wordt een groot feest aangericht waar tot IJsbrand's verwondering veel vis, vlees en bier in de magen verdwijnt, zelfs in die van de Zen meesters!
Zijn opnames daar zullen later onderdeel worden van zijn film 'Van matsuri tot Zen meditatie' en van een televisie documentaire 'Mensen van Japan'.

Scenes uit 'Zen'




Als aankomend cineast neemt hij nu op professionele snelheid op, deels in zwart/wit, aangezien er nog geen kleurentelevisie uitgezonden wordt, deels in Ektachrome Commercial, het nieuwe Kodak filmmateriaal dat zich uitstekend leent voor kopieëring. Daarnaast maakt hij 35mm foto's met zijn Leica en 6x6 dias met de Rolleiflex.

Tijdens een lokaal festival wordt een altaar door de straten gehost.

Voor fitness gaat hij makrobiotisch eten - yin en yang voedsel - vooral geen zoetigheden, wat al een offer voor hem betekent. Makrobiotisch voedsel is nauwelijks verkrijgbaar in Tokyo. In feite is het dieet in Japan nauwelijks bekend. In een achteraf buurtje haalt hij in een zaakje af en toe etenswaar op. Het valt hem wel op hoe ongezond de eigenaresse er uit ziet met haar holle ogen. Dronk ze te weinig op aanraden van Michio Kushi, de fantast die rond een filosofische speculatie het dieet introduceerde? Zijn weg 'naar gezondheid en geluk' eindigde toen hij op zijn 57ste overleed.
IJsbrand weet het toch nog drie maanden vol te houden en overleeft het.


Inmiddels hebben ze in Nederland hun expositieruimte Gallerie 207 genoemd. De nieuwbakken houders worden telkens door twijfel overmand. Er hebben al een reeks van artiesten geëxposeerd, o.a. kunstschilder, van Gulik, maar met de inkomsten die daaruit voortvloeien is het bedroevend gesteld. Er komt weliswaar een expositie van de Unesco, maar dat is ook al gratis en voor niets. Daarna volgt een groep Nada. De naam geeft al de inkomsten uit dien hoofde weer.
Tenslotte zit er voor Kees, die helemaal aan de grond zit, niets anders op dan brieven te gaan sorteren bij de PTT voor f 60 per week.

Gewoontegetrouw pikt Kees weer een gesjeesd artiest op. Dit maal is het kunstschilder Polman, die hij nog van de Academie kent. Het zou maar voor kort zijn, in afwachting van een bijstandsuitkering. Die wordt hem niet toegekend, zodat hij verder zijn hand bij hen zal moeten ophouden.


In de Kansai filmt IJsbrand in juni bij Kobe Steelworks en Matsushita Electronics op een introductie van het Nederlandse Consulaat. Vooral Matsushita wil voorkomen dat te veel fabricage geheimen in de openbaarheid komen. Hij krijgt ook van de Japan Tourist Office een brief van aanbeveling. Zo bezoekt hij ook Kanebo Textile Works, de Naito textielververij in Kyoto en de Hiwatari vuurwandelceremonie.
Hij filmt wat dan voor modern doorgaat in Japan: de metro en de beurs van Osaka, geďntroduceerd door Yamaďchi Investments. In Sukiyabashi filmt hij de verstoten Eta's, veelal Koreanen, die een ellendig bestaan aan de rand van de samenleving in hutjes leiden.

In Osaka krijgt hij de gelegenheid de film 'Steady as she goes' te zien van Carillon Films, gemaakt door Ted de Wit. De middelen die zij tot hun beschikking hebben overweldigen IJsbrand: 35mm Eastman Colour, orkestratie, synchronisatie, dit is geweldige aanpak die IJsbrand niet zal kunnen evenaren.

Hij bezoekt het Tenjin matsuri van de Temmangu Shinto tempel in Osaka. Rijk versierde boten varen statig met in kleurrijke kleding uitgedoste passagiers op en neer langs de Dojima rivier. Ook gaat hij opnieuw naar het Kenka matsuri vechtfestival van Himeji van de Matsubara Hachiman tempel, om dat nu professioneel te verfilmen. Een dubbele attractie zijn de leuke slechts met een lendendoek beklede jongens die het tabernakel rondtorsen. Deze opnames belanden in zijn Zen film, die later vaak door Contemporary Films in London verhuurd zal worden aan Engelse universiteiten.

Op de Kwansai Gakuin universiteit maakt hij nog meer opnames van het studentenleven. Er studeren er meer dan 9000 tussen 18 en 22 jaar. In Kyoto doet hij het Aoi matsuri, Bon Odori, en het Arashiyama kleurrijke bootfestival,


Scenes uit WASHO



Hij logeert eind juli bij Hans Brinckmann. Daar wijdt hij zich aan het monteren van zijn oude opnames van Japan. Hij zoekt bijpassende muziek en live geluidsopnames. Tenslotte zal hier de film Washo uit ontstaan die in het bijzonder voor het Museum voor Land- en Volkenkunde in Rotterdam bedoeld is. (Die zullen de Nederlandse versie met commentaar van Hans tientallen jaren vertonen voor bezoekers!).
Na Hans zal hij bij Nico van Zelm logeren. Veel ruimte voor al het apparatuur heeft die niet, maar hij is een wijs mens die IJsbrand met raad en daad bij kan staan en naar wie hij eigenlijk al veel eerder had moeten luisteren, want zo erg had hij het niet begrepen op IJsbrand's plotselinge carričrebreuk.


Boek kaft

De onderhandelingen met Dharma Book Company in New York over publicatie van Reflections on Subud zijn op niets uitgelopen. In een wanhopige poging toch nog iets met Rofé's manuscript aan te vangen neemt hij contact op met Dai Nippon Printing Company. Hij geeft opdracht 2000 exemplaren in eigen beheer te drukken, hetgeen hem één gulden per stuk gaat kosten. Onderhandelingen vinden plaats in een achteraf lokaaltje. Verwonderlijk, want de drukkerij zal uitgroeien tot de grootste ter wereld.

Harry Sasaki ontwerpt een omslag voor het boek. De drukkerij zal van IJsbrand een lijst van adressen ontvangen waarnaar de boeken verzonden moeten worden. Tegelijkertijd schrijft hij een aantal Subud groepen over de wereld aan en biedt hen voordelige voorwaarden aan bij grotere afname. Vijf honderd exemplaren gaan in consignatie naar het Instituut in Kingston on Thames, dat George Bennett inmiddels aan Subud ter beschikking heeft gesteld. (Bij liquidatie van het instituut in later jaren zal het restant van honderden exemplaren van zijn boek zonder meer aan een papieropkoper meegegeven worden, zonder dat ooit een afrekening plaats vindt!)


In september is hij terug in Tokyo. Daar bezoekt hij een training bij de Aikido Foundation in een houten gebouw in Shinjuku-ku. Aikido is dan een vrij onbekende sport in Japan. Hij ziet daar de stokoude oprichter van deze gracieuse vechtsport, Morihei Ueshiba, met zijn prachtige sneeuwwitte baard. Hij is vanwege griep niet in optima forma, alhoewel hem dat niet verhindert achteloos nog enige van de pupillen op de vloer te kwakken. Zijn zoon, Kisshomaru, heeft nu de leiding. Zijn techniek is indrukwekkend en gracieus. Er zijn kennelijk geen reinheidsvoorschriften, want de stank van urine en zwetende lichamen is niet te harden.
Opnames van een meer traditionele sport Sumo heeft hij al gemaakt in de Kuramae Kokugihan. Met Ed van der Elsken bezocht hij ook al hun opleidingsschool.

Een ander brok cultuur is een bezoek aan een klas van meestercalligraaf Hasegawa. Met een geweldige kwast tovert hij de mooiste karakters op rijstpapier, gevolgd door het oog van de camera. Verder zijn er bezoeken aan Kabuki, Noh en de obscuurdere districten achter Shinjuku station

Demonstraties bij de Ginza

IJsbrand heeft ook al veel van de politieke strubbelingen in Tokyo verfilmd: de massale demonstraties tegen voortzetting van het Japans-Amerikaanse vredesverdrag, protestbijeenkomsten in studenten café's, de uitputtende strijd van studenten om toegelaten te worden op een universiteit, Japanners die hun avonden in z.g. pachinko parlours doorbrengen achter pinball machines, etc.. Hij maakt ook met zijn nieuwe draagbare bandrecorder opnames van alle geluiden, als ook protestliederen.

Hij zint tevens op andere onderwerpen voor verfilming. Communistisch China lijkt hem wel wat. Hij schrijft de ambassade in Peking aan om hen over zijn kansen te polsen. Die zijn weinig hoopvol op de korte termijn. De Chinesen zullen eerst films willen zien en er dan eindeloos over nadenken voordat ze toestemming zullen geven aan een cineast om overal te gaan filmen.


Zijn laatste bezoek aan Tokyo in oktober staat in het teken van afscheid van alle dierbare bekenden. De Subudgroep in Tokyo houdt voor hem een afscheidsdiner en betaalt hem dan ook zijn lening van honderd duizend yen terug. Er is ook een dineetje met de Wiersinga's, Arie Buitelaar en Ton de Haan. Hij reist begin oktober terug naar de Kansai en treft in de trein de Sardemans uit Hong Kong aan, die daar met vakantie zijn.

Bij Hans en Toyoko Brinckmann in Nishinomiya

Teruggekeerd in de Kansai verfilmt hij een gracieuze thee ceremonie, de aandoenlijke toewijding van blinden in een instituur en alle andere onderwerpen, die hij maar tegenkomt. Hij vergeet niet zijn Leica mee te nemen om straatscenes vast te leggen.

De VNS geven te kennen wel in een film geďnteresseerd te zijn over hun scheepvaartbedrijf. Ze stellen voor om op hun kosten naar Nederland te reizen voor overleg . Op 3 november '60 zal hij op de Giessenkerk naar Hong Kong kunnen vertrekken. IJsbrand moet er zwaar over nadenken want het houdt in dat hij zijn opnames in Japan zal moeten staken. Met wat hij opgenomen heeft - dat zijn duizenden meters film - zal hij dan maar een documentaire moeten trachten samen te stellen. Nico adviseert hem deze kans toch te grijpen en dat doet hij dan ook.

In oktober reist hij nog naar Nagoya om daar een paar industrieën te verfilmen van wie de producten door de VNS vervoerd worden naar Europa. Verfijnde kledingstukken van Australische wol en pottebakkersproducten uit het Seto district. Hij maakt ook van de gelegenheid gebruik om in de Gifu prefecture te filmen hoe men 's nachts in bootjes op een rivier met lichten vissen lokt en die door aalscholvers laat vangen. Helaas ontbreken hem schijnwerpers om dit evenement goed vast te kunnen leggen.

Hij heeft ook zo veel aan zijn hoofd. Nico vindt hem veel geďrriteerder sinds hij zich in het nieuwe leven heeft gestort. Hij neemt hem mee naar een bar in Kobe waar Japanse jongens zich als meisjes hebben verkleed. Het wordt druk door zeelieden bezocht. IJsbrand vindt de verklede jongens niet zo aantrekkelijk, maar het geheel wel amusant. Het is voor het eerst dat hij een gay aangelegenheid in Japan bezoekt. Hij heeft een strikt celibatair leven geleid.

Zijn dagen zijn nu geteld. Op 3 november scheept hij in op de Giessenkerk. Hij reist dan op een provisioneel monsterboekje als 'bediende'. Veel vrienden duwen hem af: Hans en Toyoko Brinckmann, Hans en Joke van Rossum, Paul en Rosemarie Niemantsverdriet, zijn bediende Okamurasan. Nico van Zelm en Yoshikosan blijven tot het laatst.

IJsbrand is weemoedig gestemd als ze om middernacht vertrekken. Beladen met herinneringen aan de meer dan vijf jaar belevenissen en ontmoetingen in Japan. Wanneer zal hij ooit het Verre Oosten terugzien?

Dat zal in nog geen dertig jaar blijken te zijn!


Met de Giessenkerk van Kobe naar Hong Kong (klik voor filmpje)

Op het web sinds: 5 juli 2006. Bijgewerkt: 27 oktober 2013.

Recapitulatie hoofdstukken:

Literatuur: